Onderpresteren in het primair onderwijs |
|
|
In de afgelopen maanden zijn drie rapporten over het presteren in het onderwijs uitgebracht. Het gaat om: 1. “Presteren naar vermogen” van de Onderwijsraad; 2. “Aansluiting voortgezet onderwijs op het basisonderwijs” (onderwijsinspectie); 3. “Onderwijsadvisering in beeld” (onderwijsinspectie). Uit de rapporten blijkt: · Dat onderadvisering niet structureel plaatsvindt; · Dat er geen verschil in advisering is tussen allochtone en autochtone jongeren; · Kinderen van laagopgeleide ouders krijgen iets lagere adviezen. Hoewel het om bescheiden verschillen gaat vindt de staatssecretaris deze kwestie urgent omdat het heel moeilijk is om een achterstand in te halen die het gevolg is van een verkeerde leerwegkeuze. De staatssecretaris neemt het signaal van de Onderwijsraad serieus dat 10% van de leerlingen onderpresteert. De Onderwijsraad verbindt deze conclusie aan de discrepanties tussen intelligentie en toetsscores. Door de doelen met name op het gebied van rekenen en taal meer helder te formuleren worden verbeteringen verwacht. De Expertgroep Doorlopende Leerlijnen zal referentieniveaus beschrijven. Extra leertijd (bijvoorbeeld in de weekends, in vakanties, etc.) of een jaar extra basisonderwijs zou ook een optie kunnen zijn (vooral bij brede scholen). Het inzetten van gerichte toetsinstrumenten en deskundigheidsbevordering op scholen gericht op de integrale benadering van onderpresteren wordt van groot belang geacht. Het laatste jaar van het basisonderwijs zou meer effectief gebruikt moeten worden vooral de periode na de Citotoets. Maar liefst 25% (!) van alle leerlingen in het voortgezet onderwijs zit in het derde leerjaar van het voorgezet onderwijs niet op het niveau van het schoolkeuzeadvies. Voor een belangrijk deel wordt verondersteld dat de reden is dat de verschillen tussen het voortgezet onderwijs en het primair onderwijs te groot zou zijn (zowel op het gebied van de onderwijsinhoud als op het gebied van de pedagogische-didactische aanpak). Een betere afstemming via doorgaande lijnen zoals rekenen en taal zal worden bevorderd. De informatie overdracht van basisonderwijs en voortgezet onderwijs kan verbeteren door te werken met een elektronisch leerlingendossier (het digitale leerlingendossier). Het beleid moet zijn om talenten te ontwikkelen en uit te gaan van hoge verwachtingen. De kwaliteitsagenda PO zal de volgenden doelstellingen omvatten: · Leerprestaties van taal en rekenen omhoog; · Toename van het aantal scholen dat aan de standaarden van kwaliteitszorg voldoet; · Het aantal zeer zwakke scholen moet omlaag. Het voortgezet onderwijs zal zich meer moeten richten op verbetering van het rendement: · Betere doorstroom (VMBO, MBO, HBO) door loopbaan oriëntatie en begeleiding; · Voortijdig schoolverlaten zal verder teruggebracht dienen te worden. |
Vacatures
Nieuws Akorda
Nieuws Onderwijs
- Inspectie brengt situatie Amarantis in kaart
- Besturenraad tegen 'Cito-isering' van het onderwijs
- Emile Roemer: Speciale scholen maken het verschil
- Amsterdam bemiddelt bij Amarantis
- Kritiek op verplichte Citotoets
- Sotftware voor studenten HAN met dyslexie
- Oproep scholen voor deelname aan onderzoek
- Jongeren vinden voortijdige schooluitval leerzaam
- Mini-documentaires over het digitale leven van tieners
- 'Met compensatie onvoldoendes begint verschraling hoger onderwijs' (opinie)
